Zo lees je deze voorbeelden
Alle voorbeelden op deze pagina zijn fictief en dienen om het begrip uit te leggen. Het zijn geen teksten om over te nemen of aan te passen: je eigen probleemstelling en onderzoeksvraag leg je vast met je promotor.
Een kort voorbeeld over frames in krantenberichten staat bij voorbeelden van onderzoeksvragen. Hoe je een vraag stap voor stap opbouwt, lees je bij een onderzoeksvraag formuleren.
Fictief voorbeeld uit communicatiemanagement, een jeugddienst en haar doelgroep
- Fictief, zwakke versie: "De jeugddienst van de stad bereikt jongeren niet goed. Daarom ontwikkel ik een Instagramstrategie."
- Waaruit blijkt dat de dienst jongeren niet bereikt, en welke jongeren?
- Instagram is een kanaal, en dus een oplossing. Weet je al dat deze jongeren daar zitten, en dat ze daar over vrijetijdsaanbod horen?
- Fictief, scherpere versie: "De jeugddienst organiseert gratis vakantieactiviteiten voor tieners van twaalf tot zestien jaar. De inschrijvingen komen vooral uit gezinnen die de dienst al kennen, terwijl de stad net tieners uit wijken met weinig vrijetijdsaanbod wil bereiken. De dienst communiceert via de stadswebsite, een folder die via scholen verspreid wordt en Instagram, maar weet niet via welke kanalen en welke personen deze tieners en hun ouders over vrijetijdsaanbod horen, en wat hen tegenhoudt om in te schrijven."
Wat de scherpere versie oplevert
- Het probleem is aangetoond met iets wat de dienst kan nagaan: wie zich inschrijft.
- De doelgroep is afgebakend, met een reden waarom net zij belangrijk zijn.
- Het ontbrekende stuk kennis gaat over de doelgroep zelf: waar ze over aanbod horen en welke drempels ze ervaren. Een kanaal kies je pas daarna.
- Ouders staan erin. Bij tieners van twaalf beslissen ouders vaak mee, dus een strategie die alleen op tieners mikt, kan het probleem missen.
De onderzoeksvraag bij dat voorbeeld
- Fictief, zwakke vraag: "Hoe kan de jeugddienst Instagram beter gebruiken?"
- Fictief, scherpere vraag: "Via welke kanalen en personen horen tieners van twaalf tot zestien jaar uit twee wijken van de stad en hun ouders over vrijetijdsaanbod, en welke drempels ervaren ze om zich in te schrijven voor activiteiten van de jeugddienst?"
- Fictief, adviesvraag die volgt: "Welke communicatieaanpak past op basis daarvan bij deze tieners en hun ouders?"
- Die vraag past bij gesprekken of focusgroepen met tieners, via het jeugdwerk of een school, en bij korte interviews met ouders. Een enquête onder de volgers van de dienst bereikt net de tieners die je al kent.
Masterproef communicatiewetenschappen: een vraag die je kunt toetsen
- Fictief, zwakke versie: "TikTok heeft een grote invloed op hoe jongeren over gezondheid denken. In mijn masterproef onderzoek ik die invloed."
- "Grote invloed" is een claim in je eerste zin. Waarop steunt die, en welk deel van die invloed wil je bestuderen?
- Fictief, scherpere versie: "Op TikTok geven zowel artsen als leeftijdsgenoten gezondheidsadvies. Onderzoek naar brongeloofwaardigheid toont dat expertise en betrouwbaarheid van een bron bepalen hoe overtuigend een boodschap is, maar dat onderzoek gebeurde grotendeels vóór korte video's op sociale media. Of jongeren een zelfverklaarde arts op TikTok geloofwaardiger vinden dan een leeftijdsgenoot met hetzelfde advies, en of mediawijsheid dat verschil verkleint, is onduidelijk."
- Fictief, scherpere vraag: "Beoordelen jongeren tussen achttien en vierentwintig jaar een TikTok-video met gezondheidsadvies als geloofwaardiger wanneer de maker zich als arts voorstelt dan wanneer een leeftijdsgenoot hetzelfde advies geeft, en hangt dat verschil samen met hun mediawijsheid?"
- Dit is een vraag voor een experiment: twee versies van dezelfde video, deelnemers die willekeurig een versie zien, en een bestaande schaal voor geloofwaardigheid. Een manipulatiecheck gaat na of deelnemers de maker ook echt als arts of als leeftijdsgenoot zagen.
Valkuilen in communicatie
- Bereik, likes of weergaven als bewijs dat een boodschap werkt. Bereik zegt hoeveel mensen iets zagen. Wat ze ermee deden, weet je daarmee nog niet.
- Een theoretisch kader dat in je analyse niet meer terugkomt. Als je over framing of brongeloofwaardigheid schrijft, moeten die begrippen in je codeerschema of je metingen zitten.
- KPI's van de organisatie verwarren met resultaten van je onderzoek.
- Een enquête onder de eigen volgers van de organisatie, gevolgd door besluiten over de hele doelgroep.
- Aanbevelingen die je ook zonder onderzoek had kunnen schrijven, zoals "meer inzetten op sociale media".
Wat Esmond met je tekst doet
Esmond ontwerpt geen campagne en zegt niet welk kanaal je moet kiezen; daarover beslis je met je promotor en je opdrachtgever. In je geschreven bachelorproef of masterproef kijkt de review of je advies of besluit volgt uit wat je onderzocht, of je theorie in je analyse terugkomt en of je methode de vraag kan beantwoorden. Meer bij bachelorproef communicatie en communicatiewetenschappen laten nakijken.
We schrijven niets voor je. We beoordelen je werk en tonen je hoe je het sterker maakt. Een review kost vanaf €3,99, eerst een gratis preview. De prijs volgt de lengte van je document en je ziet hem voordat je betaalt. Geen abonnement, geen account.
Veelgestelde vragen
Is een communicatieplan een bachelorproef?
Een communicatieplan kan het eindproduct zijn, maar het moet steunen op onderzoek: wat weet je over de doelgroep, het probleem en de kanalen, en hoe weet je dat? Kijk in je richtlijnen hoe je opleiding dat verwacht.
Moet ik in communicatiewetenschappen altijd kwantitatief werken?
Nee. Een vraag naar hoe mensen media gebruiken of betekenis geven, past bij interviews of focusgroepen. Een vraag naar een effect van een boodschap past beter bij een experiment.
Mag ik mijn opdrachtgever als bron gebruiken?
Interne documenten en gesprekken met je opdrachtgever zijn bruikbare bronnen voor de context. Plaats ze kritisch en vul ze aan met gegevens over de doelgroep zelf.
Maakt Esmond mijn communicatieplan?
Nee, Esmond schrijft niets voor je. De review wijst aan waar je plan niet volgt uit je onderzoek.
Verder lezen